klik op cover voor pdf nummer 25
CLICK ON COVER FOR
PDF ISSUE 25

Inhoud

1 Cover
Fredie Beckmans

2 Redactioneel, inhoudsopgave
en colofon

3 Tiers Bakker
Paradijslijk naakt
beeld Tom Wesselman

4 Sjoerd Buisman
Fractaal werk

5 Philip Fokker
Natuur in pixels
over Jochem van der Spek

6+7 Franck Gribling
Natuur als materiaal

8 Kees Koomen
over Maarten Scheper

9 Arie van den Berg
Een ongelikte beer

10+11 Marianne Vollmer
in gesprek met Lizan Freijsen

12+13 Erik Odijk
Bomba

14+15 Ine Dammers
interview met Kie Ellens

16+17 Fredie Beckmans
Kinderen der Duisternis

18+19 Petri Leijdekkers
Kijken en Luisteren
beeld Felix Hess

20+21 Robert Broekhuis
Muziek van krijtsteen en fresco’s
beeld Musee de Rouchechouart

22 Nils Norman
Eetbaar park

24 Michel Blazy

Tobias Rehberger,Tsutsumu,
ARCHIEF
link naar vorige nummers

rusteloos
toekomst
homo bulla est
ontoegankelijk
media
pijn
vluchtig en immaterieel
goede zaken
lichtheid
situationisme
religie
pre passee
territorium
zakelijkheid
canon
altijd alle tijd
vreemd

kunstenaar&initiatief

Henk Peeters, Akwarel wand, 1965-2011,-foto-franck-gribling

DE NATUUR ALS MATERIAAL

Terug naar de natuur. Wij roepen u op om zich aan te sluiten bij de nieuwe revolutionaire kunstbeweging die onlangs door onze eigen Majesteit is afgekondigd. Ze zei het luid en duidelijk bij de uitreiking van de Koninklijke Subsidie voor de Vrije schilderkunst. SLOW ART, deze nieuwe stroming in de kunst werd onlangs ten paleize opgericht als tegenhanger van de moderne kunst. Rudi Fuchs stond instemmend naast haar te knikken en te glunderen, toen ze zei dat schilderijen een toevluchtsoord voor overdenking en beschouwelijkheid zijn. Dat zijn mooie en wijze woorden. Wat Hare Majesteit daarvoor opmerkte klinkt echter bedenkelijk: 'In de culinaire sfeer heeft de opkomst van 'fast food' de tegenhanger 'slow food' opgeroepen' 'Misschien zijn schilderijen in die zin een vorm van 'slow art'…De schilderkunst vormt een tegenwicht op de huidige tijd, waarin we overspoeld worden met beelden...’
Als we de natuur real time en After Nature zouden naschilderen staan we samen met SLOW ART treurig onderaan de trap van de kunst. De moderne hedendaagse westerse kunstenaar gaat de natuur in. Maakt een foto, een video of  een schets met zijn iPhone, kijkt thuis nog even naar Google Image en kan in zijn atelier met kwast en photoshop aan de gang. Vanuit het diepste van de kunstenaarsziel borrelt er dan zomaar een natuurervaring naar boven waarvan je gerust kunt zeggen, wij zijn voor de natuur, wij zijn voor de vooruitgang wij zijn voor FAST ART. Sluit u ook hierbij aan want wij kijken niet om en wij wachten niet. Wij willen niet terug naar gisteren, wij willen geen slow food, maar slow cooking, wij willen geen slow art maar slow painting. Morgen komt de zon weer op, brandend van verlangen naar de uitgestrekte toekomst en dan trekken wij de natuur in om een te zijn met onszelf en die natuur.

In dit nummer o.a. bijdragen over kunstenaars die de natuur als materiaal gebruiken. Kunstenaars zoals Herman de Vries, Hans Haacke, Henk Peeters, Lizan Freijsen en Kie Ellens. Petri Heijdekkers doet verslag van Felix Hess, die apparaatjes bouwde die net zoals echte kikkers reageren op hun omgeving: als het stil is kwaken ze, horen ze geluid dan zijn ze stil. Er zijn kunstenaarspagina’s met werken van Sjoerd Buisman, Nils Norman en Michel Blazy. Op de middenpagina’s is Bomba te zien, een enorme hourtskooltekening van Erik Odijk die als een stomp tussen de ogen aankomt als je ervoor staat. Jochem van der Spek onderwerpt abstracte vormen aan natuurwetten en mengt zo natuur met het kunstmatige en blaast daarmee leven in het levenloze waardoor je zijn werk ervaart als levende organismen. Arie van den Berg verhaalt over het dodelijke einde van de beer als kermisatractie in Rusland en Kees Koomen over het werk van Maarten Scheper.


Gesprek met Lizan Freijsen Marianne Vollmer
Erik Odijk: De sublieme natuur
Wij mensen hebben al een tijdje een gast op bezoek die wij Natuur noemen.  Hij mag ons zo lang bezoeken als hij wil en we aaien hem als een jong poesje, tot dat we er genoeg van hebben. Dan zetten we de natuur in een vuilniszak bij de deur.  Vroeger had je landschapschilders, zoals van Gogh en Hokusai die de natuur verheerlijkten en romantiseerden, ja zelfs de prachtige Tsunami houtsnede van Hokusai uit 1830 blijft een schouderklopje van de mens op de natuur.
Erik Odijk laat ons op een andere manier naar de natuur kijken. Ruw en onbeschaafd. Op hele grote formaten van soms wel tien bij vijf meter geeft hij de natuur zijn kracht terug. Zijn werk toont een natuur die met minachting en zonder respect naar ons kijkt. Het is niet God maar de Natuur die ons in deze tekeningen aankijkt. Erik Odijk geeft de natuur geen schouderklopje. Geen romantiek, nee hij geeft ons een stomp tussen de ogen en schudt ons wakker. Hij laat zien dat wij mensen uiteindelijk zullen verliezen. Het werk van Erik Odijk roept heel hard: ‘De Natuur is er niet voor ons, wij zijn er voor de natuur.’  Wij mogen er naar kijken en ons erover verwonderen.
Fredie Beckmans

Van twee één maken
over het werk van Maarten Schepers
Kees Koomen

Het werk van de Haagse kunstenaar Maarten Schepers doet in eerste instantie aan als een worsteling van de menselijke natuur met structuren waarbinnen hij zijn plaats moet vinden. Of het nu de beelden zijn die Schepers als beeldhouwer heeft gemaakt, of de sociale activiteiten waarvan hij deel uit maakt: de kunstenaar probeert beide gegevens te verbinden. Kenmerkend is het project NICO uit 1998: tijdens een beeldenroute die hij met zijn werk voor de toenmalige Artoteek op diverse locaties organiseerde leidde hij kunstliefhebbers rond. Tijdens die rondleiding kwam hij in contact met Simon Kamper van de stichting Behoud Cultureel Erfgoed. In gesprekken bleek dat deze stichting huisjes in en rond het Florahofje ter beschikking wilde stellen voor een kunstproject. Samen met Hans Ensink op Kemna organiseerde hij het project waarvoor Schepers een aantal Haagse kunstenaars uitnodigde en Ensink op Kemna kunstenaars uit Enschede en omgeving vroeg deel te nemen aan het project. Het resultaat was een verrassende tentoonstelling waarin over de organisch gegroeide stadsstructuur van het hofje een sociaal netwerk van kunstenaarsverbanden werd gelegd. Het werk van Schepers was daarin een in purr-schuim gebed messing straatje waarmee door een steegje een verbinding werd gelegd tussen het Florahofje en een werk van Urs Pfannenmüller.>>>>> lees verder op pagina 8 van pdf

Muziek van stenen
en fresco’s
Robert Broekhuis
In Musée de Rouchechouart, veertig kilometer van Limoge in Frankrijk, is een werk van Richard Long te zien dat door de confrontatie met zestiende eeuwse fresco’s een intrigerend beeld oplevert van de weg die de kunst door de eeuwen heen heeft afgelegd. De ruimte zelf, la galerie d'Hercule – de jachtzaal - is overweldigend. En samen met de manshoge fresco’s in grisaille geschilderd en de negentien meterlange ‘Rouchechouart Line’ van witte krijtsteen van Richard Long levert dat een ruimte op van grote schoonheid. Het is zo’n plek die als een geliefd kleding stuk behaaglijk om je schouders valt. De vraag is wat de fresco’s voor effect hebben op het beeld van Richard Long en omgekeerd. De fresco’s doen verslag van de mythologische held Hercules. Ze zijn zwartwit en daardoor geabstraheerd van de bloederige werkelijkheid waarover ze vertellen. De ‘Rouchechouart Line’ van Richard Long verwijst naar de natuur, maar is abstracter. Er komt geen moord en doodslag aan te pas. Tenzij je bij die stenen aan de krijtrotsen van Dover en de Slag om Engeland denkt.

Als je de jachtzaal binnenkomt schiet je blik ongewild heen en weer van de krijtstenen, naar de fresco’s, naar de schitterende ruimte en weer terug. Het is onmogelijk om te kiezen. De combinatie van de ruimte, de fresco’s en het werk van Richard Long levert eigenlijk een nieuw kunstwerk op. Vaak als je werken van hem in musea ziet, ontstaat door de steriele ruimten waar het getoond wordt een overesthetisering die je weliswaar doet uitroepen :’Oh wat mooi!’, maar die zijn werken eigenlijk tekort doen en ze reduceren tot een decoratieve verzameling stenen. Alleen schoonheid is kennelijk niet genoeg, er moet ook iets schuren en dat gebeurt in Musée de Rouchechouart. Je kunt eigenlijk niet zeggen: ‘ik heb de Rouchechouart Line van Richard Long gezien’, want de fresco’s die van Hercules verhalen en de ruimte spelen een gelijkwaardige rol in je beleving.
>>>>>klik hier en lees verder op pagina 20 van pdf
Herman de Vries, begin jaren zestig van de vorige eeuw betrokken bij de beweging in de kunst die zich aandiende als Zero en Nul, toont op het ogenblik in Diepenheim puur natuur, zonder enige ingreep van zijn hand. Hoogstens bepaalt hij een kader of een titel. Helemaal in de geest van Zero kiest en isoleert hij wat al bestaat en geeft daardoor betekenis. De natuur is voor hem een concreet gegeven met individuele kenmerken. Een boom voorziet hij van het opschrift ‘I AM ‘, omdat die boom even uniek gegroeid is als een menselijk wezen. Het is onze generaliserende geest die over het bijzondere heen kijkt. Verbijzondering is bij uitstek het werk van de kunstenaar. >>>>>>> klik hier en lees verder op pagina 6 van PDF
De Natuur als materiaal Franck Gribling

Ik hang toch aan de materie, het moet voor mij nog steeds tastbaar zijn

Er is een periode geweest dat iedere vlek belangrijk was, dat ik naar alle uithoeken van het land reisde om ze te fotograferen. Nu zie ik direct of ik er iets aan heb. Als een vlek vorm heeft is hij van belang.
In het begin werkte ik met samengestelde vochtvlekken maar na verloop van tijd werd het steeds meer een enkele vlek die interessant genoeg was om monumentaal te worden. Het werd een monumentale uitspraak. Er hoefde ook niet meer overal in de ruimte iets terug te komen. Het werd subtieler, een klein spoor, hele kleine vlekjes, spinrag. Die zaten dan wel op een cruciale plek. niet op ooghoogte frontaal aan de muur maar juist op een plaats waar je het niet verwacht. Op de plekken die ik kies wil niemand hangen. Niemand wil in de hoek, aan de drempel of bij de plint. Ik ben in die zin het minst bedreigend maar als daar iets zit dan is de rest van de muur ook bezet, een vlek dwingt veel ruimte af. De leegte wordt geaccentueerd. Het zijn ook gaten naar buiten, dat je de buitenwereld binnen haalt. We denken het allemaal veilig te kunnen houden en ik vind het een spannende gedachte dat je eigenlijk nooit helemaal veilig bent. Een echte lekkage is dramatisch. Je wordt zo aangetast in alles. Je huis is je tweede huid. Het is niet romantisch bedoeld, die lekkagevlekken. Ik verheerlijk het niet, integendeel, maar de sporen die de tijd achterlaat en de manier waarop de natuur tekent - zo zie ik dat - dat is ongeëvenaard. >>>>> klik hier en lees verder op pagina 10 van pdf