|
pre Passee 2006/13
|
|
‘Ik mag dan schrijver zijn, ik heb altijd iets met beeldende kunst gehad. Ik was lid van het roemruchte C.G.D.D.K. van Harry Heijink en Peter Giele, dat voornamelijk uit beeldend kunstenaars bestond. Voor de presentatie van mijn roman Groente (1991) stelde ik een tentoonstelling samen van werken waarin groente de hoofdrol speelde, met werk van onder andere Siert Dallinga, Helma Pantus, Ed Gebski, Joost Swarte, Rob Scholte en Sandra Derks. Enkele jaren later organiseerde ik in Galerie Metis een expositie waarin met behulp van een tachtigtal afzonderlijke schilderijen of grafiek het menselijk lichaam werd ‘gereconstrueerd’. In 1999 nam ik als beeldend kunstenaar deel aan de door de Stichting Kunst in de Openbare Ruimte (SKOR) georganiseerde manifestatie ‘In verbelinge’, wat resulteerde in een (in Namens hardsteen uitgevoerd) grensmonument. Ook nam ik met een werk deel aan de groeps- ‘Tussen literaire kunst en beeldende kunst heb ik nooit een scherpe scheiding gezien. Uiteraard is het medium anders, maar in beide gevallen probeer ik uitdrukking te geven aan een idee. Mijn schaarse beeldende werk sluit naadloos aan bij mijn literaire oeuvre. Ik heb het dan ook als onrecht beschouwd dat ik als (voornamelijk) schrijver slechts ‘kunstlievend lid’ van Arti kon worden. Natuurlijk heb ik de kunst lief, maar ik maak ook zelf kunst. Zelfportret Ik raak in schelle verven weg. Opgeveegd. Van achteren! Komt pompen aan te pas, wortelkwast, Zwart uit wondermond, verzamelde gedichten Atte Jongstra |
| < back |