religie 2006/14

Vrijheid
Interview met Gijs Frieling

Gijs Frieling (1966) schildert in eitempera op doek en papier en maakt regelmatig wand en plafondschilderingen. Zijn eerdere werken waren direct christelijk geïnspireerd, de laatste jaren maakt hij geïdealiseerde voorstellingen van de plantenwereld als metaforen voor de goddelijke schepping. In 1999 was hij winnaar van de Prix de Rome schilderen. Sinds 1 mei 2006 is hij directeur van W139.

Wat ik me kan herinneren als kind is het gevoel dat er voortdurend naar je werd gekeken. Niet zozeer door de mensen om je heen, maar ik zou bijna zeggen via de mensen. Zo van: hoe doet die dat nou, dat leven. Welwillend en ook afwachtend en ook met een bepaalde verwachting, op een manier dat het een prettig en spannend gevoel gaf. Nee, beschermd en veilig was niet het voornaamste gevoel, want je moet alles uiteindelijk zelf beslissen en zelf doen. Maar er werd wel met aandacht gekeken naar wat je deed en hoe je dat dan deed; vanachter een soort façade, waardoor je voelde dat er niet meteen kon worden ingegrepen.
Dus veiligheid is niet zozeer het woord, maar dat je je niet eenzaam voelt, ja dat heeft er wel mee te maken. Er is ook een extreme interesse in je vrijheid als mens van die kant, zo van wat doet die man met die vrijheid. Zelf maken we daar al snel weer een taak van en wordt het door onszelf al weer ingedamd. Gaan we een beetje plaatsvervangend denken misschien. Als kind ben je vrijer en intenser.

Schilderen
Ik heb eigenlijk altijd getekend, maar met die religieuze beelden ben ik pas veel later begonnen. Op de Rietveld heb ik eerst heel veel verschillende dingen gedaan, maar ook wel geschilderd. Vooral het werk van Joseph Beuys interesseerde me toen sterk. Pas in het eindexamenjaar nam ik de voor mij belangrijke stap schilder te willen worden. Ik dacht: ik moet kiezen, een ding doen. Dat heb ik gedaan en ik heb me er ook aan gehouden.
Op de Rijksacademie ben ik religieuze schilderijen gaan maken en ik weet nog precies hoe dat begonnen is. Er was een praktische aanleiding voor. Ik had twee hele grote schilderijen (280 x 450 cm) gemaakt die tentoongesteld werden in het Exposorium van de VU. De Open Ateliers kwamen eraan en men vond eigenlijk dat die schilderijen daarbij te zien moesten zijn. Ik ben toen een nieuw schilderij gaan maken, waarvan ik het onderwerp meteen al helemaal voor me zag: Jezus die over het water loopt, een boot met twee mensen er op, een tentje op het dek en zo’n verplaatsbaar toilet, een berg zand en allemaal boeken.
Ik zag het allemaal voor me. En dan kwam Jezus aanlopen over het water (later schilderde ik dat hij knielde). Een soort ontmoeting. Dat werkte toen heel goed, dat je jezelf zo voor het blok zette. En dan in een keer ook maar heel groot, hè. Ik was er natuurlijk ook al heel lang mee bezig. Interesseerde me al heel lang voor religieuze dingen en dacht daar veel over na. Maar een beeld is toch altijd iets dat opkomt.

Sacramenten
Voor mij is het wezen van Christus onlosmakelijk verbonden met het idee van vrijheid. Dat hoort helemaal bij elkaar. Zo is het in mijn biografie ook gegaan. Ik heb nooit enige dwang van buitenaf gevoeld om te gaan geloven. Ik ben via mijn vrouw lid van de christengemeenschap geworden, dat enerzijds wel, maar toch geen deel uitmaakt van de katholieke kerk (het is een apart gesticht kerkgenootschap), maar ze hebben wel de sacramenten zoals een mis met brood en wijn, een stervenswijding etc. Dingen die je in de protestantse kerk niet meer hebt.
Een sacrament heeft een liturgie. Dat is een soort partituur voor handelingen die altijd hetzelfde zijn. Daar zijn ze heel strikt in. Ieder woord en ieder gebaar ligt als het ware vast. De verrichte handelingen zijn objectief, geen magie. Als je goed oplet, kun je precies zien wat het is. Die precieze kant interesseert mij, zeker in deze tijd. Want het spirituele ‘isme’, de New Agebeweging en dergelijke, die denken dat iedereen maar moet doen en vinden wat ie denkt -alles is eigenlijk goed - dat vind ik helemaal niks. Zouteloos. Ik vind het heel mooi, dat je zo’n menselijk instituut hebt dat probeert heel precies te zijn. Ja, dat is troostrijk en ook heel sterk.
Binnen die partituur van het sacrament voltrekt zich toch iets dat je niet kunt benoemen. Steeds meer ben ik over het schilderen ook zo, op dezelfde manier gaan denken. De afgelopen jaren werd mijn werk steeds methodischer en wist ik van te voren precies hoe ik het ging maken. Het werk bestaat uit allerlei lagen en dan, bij een van te voren bepaalde laag, is het klaar. Dat is voor mij een manier om me helemaal op de handeling te kunnen concentreren, al je aandacht in de handeling te kunnen stoppen omdat je je niet hoeft af te vragen wat je gaat doen. Dus niet meer het schilderen als avontuur. Juist helemaal niet. Geen enkel avontuur meer.
En dan komt er toch iets in, gebeurt er iets.....Ik zie daarin een paralel met de sacramenten. De voorstellingen zijn ondergeschikt geworden daarin. Ik schilder nu alleen nog maar planten en bloemen - Kingdoms noem ik ze - in een soort patronen en ornamenten. Of dat naar abstractie toe zal gaan in de toekomst? Dat is de vraag voor mij, dat weet ik niet. Ik behoud ook altijd wel een bepaalde band met het voorstelbare. Maar veel mensen hebben dat inderdaad wel zo gezien. Die zeggen: je werk is heel abstract geworden ondanks dat er geen twijfel is, over wat het voorstelt. En dat is, denk ik, ook zo.

Religieuze kunst
Het grote verschil met de religieuze kunst uit het verleden is, dat ik het vanuit mezelf doe en niet in opdracht van de kerk. Kijk, de kunst was in de oudere tijden door de kerk geïn-strumentaliseerd en ik geloof niet dat ik dat ook doe. Voor mij is de inhoud altijd maar een bepaalde en min of meer oppervlakkige laag in de kunst. Ook in de middeleeuwse en in de Romaanse kunst en ook in de iconen. De inhoud in termen van voorstelling is ook in een icoon de meest oppervlakkige laag in het beeld. De omgang met het materiaal is eigenlijk het wezenlijke en het religieuze. Ik denk dat dat altijd zo is geweest, en zo voel ik dat ook.
Het maakt me niet zo veel uit wat anderen doen met religie in de kunst. Het shockeert me niet als men zich afzet en het interesseert me niet dat Chris Ofili een madonna heeft gemaakt met allemaal blote billen erom heen. Daar onstond een hele rel over, met die burgemeester in New York, die dreigde de subsidie voor de tentoonstelling in te trekken omdat dat schilderij daar hing. Ik vind dat een hele goede en interessante kunstenaar, die prachtig werk maakt.
Er zijn ook heel veel mensen die op goede gronden ten strijde trekken tegen religie. Dingen waarvan ik denk dat die het bevechten waard zijn. Kijk, als religie gebruikt wordt om bepaalde vrijheden van mensen van buitenaf in te dammen, ja daar moet gewoon tegen gestreden worden. Ik voel dat niet zozeer als mijn taak, maar als er kunstenaars zijn die dat doen, is dat heel goed.
Men zegt wel dat het afgelopen is met het geloof en dat de kunst daarvoor in de plaats is gekomen. Eerst is de kunst dus bevrijd van de religie en vervolgens neemt de bevrijde kunst de plaats in van de religie. Dat is een beetje de consensus. Ten eerste relativeer ik die bevrijding een beetje. Het hele idee dat de kunst onder het juk van de kerk heeft geleefd - ik weet niet of dat waar is. Kunst kan ook helemaal niet het religieuze vervangen. Daar is het niet voor.
Volgens mij kan je een volgende indeling maken: er is een wetenschappelijke behoefte in mensen (het denken), een artistieke kunstzinnige behoefte (het voelen) en een religieuze behoefte (het willen en handelen; dat je het goede wilt doen). Dat zijn toch drie heel verschillende dingen. In de kunst gaat het er uiteindelijk om, of het mooi is of lelijk. Alles wat ik goed vind, vind ik mooi. Je kunt niet zeggen ik vind het een goed schilderij maar ik vind het niet mooi. Dat bestaat niet. Mensen die zeggen: ik schilder expres lelijk, daar geloof ik dus niet in.

Toeval
Zeker, ik ben een creationist, in de zin dat ik geloof dat de wereld een schepping is. Absoluut. Wat mij betreft sluit dat elkaar ook niet uit: schepping en evolutie. Die beschrijvingen van hoe dieren geëvolueerd zijn, is heel interessant, maar er is geen enkele reden waarom je zou moeten aannemen dat dat vanzelf is gegaan. Die stap snap ik niet en vind ik ook heel ongeloofwaardig.
Onze eigen ervaring is dat niets vanzelf ontstaat, maar in de natuur zou dat dan wel zo zijn? Het toeval is een belangrijk idee natuurlijk, dat veel wordt gebruikt. Een Nederlandse hoogleraar in de statistiek (ik weet z’n naam niet meer) zei in een interview: het woord toeval betekent niets anders, dan dat je de samenhang tussen twee zaken niet begrijpt. Die sloeg toch maar mooi de spijker op de kop. Het feit dat je de samenhang niet ziet, om daar altijd maar direct uit te concluderen dat die er dan ook niet is, dat moet je maar voor eigen rekening doen. Dat kan je maar beter open laten.

W139
Een van de redenen om directeur van W139 te worden, was dat je in de loop van de tijd dat je als kunstenaar werkt, je je er van bewust bent dat het op een belangrijk gebied een hele geprivilegieerde situatie is. Ik kan heel goed de hele week alleen op m’n atelier zitten en heb helemaal geen mensen nodig om me goed te voelen, maar ik kreeg steeds meer de behoeft om te weten hoe het is om met mensen samen te werken. Het is maar voor vier jaar en ik had het ook zeker niet gedaan als het voor onbepaalde tijd zou zijn geweest. Jazeker, het denken aan m’n werk gaat ook door en ik ga ook wel weer dingen doen.
Kijk, het is nu heel erg druk bij W139, we gaan bijna verhuizen. Ik ben hier een half jaar geleden begonnen, dat is best al een tijdje, maar voor mij is het een volslagen omslag geweest. Dus ik sta nog helemaal in het begin. Ik heb ook besloten dat ik de eerste tentoonstellingen helemaal zelf wil maken. Daarna ga ik natuurlijk ook mensen uitnodigen om dat te doen; dat is een goed gebruik bij W139. En dan zal het op een gegeven moment makkelijker worden om tijd vrij te maken - nooit structureel - om op mijn atelier te werken of een muurschildering te maken. Ik ben in gedachte met een heel ander soort werken bezig, die zullen weer heel anders zijn denk ik, maar daar moet ik nog mee beginnen en daar kan ik nog niets over zeggen.

Marianne Vollmer

beeld 1: Overzicht Miart-beurs Milaan, met Piercarlo Borgogno
beeld 2: Kaars, soep en rozen
beeld 3 : De genezing

< back