|
religie 2006/14
|
|
Op acht september wordt Maria geboren. Tot haar twaalfde jaar verblijft ze in een tempel. Hier leeft ze als een pikkende duif die eet uit de hand van een engel. Als ze de tempel verlaat, huwt ze Jozef. Op 25 maart wordt één van de belangrijkste zinnen uit de westerse geschiedenis uitgesproken. Maria krijgt bezoek van de engel Gabriël. Hij kondigt haar aan dat ze zwanger is. In mijn werk probeer ik de paradox (van de eenheid tussen hemel en aarde) te onderstrepen en daarmee God te weerspiegelen. In het boek ‘Maria causa salutis’ (Maria veroorzaakt verlossing) ben ik opzoek gegaan naar personen die het leven van Maria kruisen. Personen die in het dagelijkse leven, het leven van Maria vinden. Op deze manier leeft Maria door in al deze mensen, en verschijnt ze in een ervaring van schoonheid.
Ik bekijk de westerse cultuur vanuit het christendom. Hoewel voor velen het christendom slechts tot een op macht gericht instituut geworden is, is deze religie voor mij een bron van inspiratie. Ze geeft nog steeds zulke mooie en goede antwoorden op de vragen, die lelijk en moeilijk te beantwoorden zijn vanuit de geseculariseerde samenleving. Op haar beurt bekijk ik het christendom weer vanuit de moderne tijd. Ten opzichte van het nu verzuimt het christendom om aan te sluiten. Ze blijft angstvallig vasthouden aan haar eeuwenoude iconografie. Dit terwijl er niet één buik is die Jezus of Maria heeft voortgebracht, maar er vele zijn, wellicht zelfs ontelbare. Daarom is het noodzakelijk voor het christendom om een nieuwe iconografie te vinden. Hier ben ik nu naar opzoek. Welke beelden vertegenwoordigen deze religie? Voor mij zijn vrijwel alle ervaringen christelijk zolang ze een brug slaan tussen de hemel en aarde. Dit gebeurt als Boogerd bebloed en uitgeput een etappe wint in de Tour de France, of als Björk opgaat in haar muziek tijdens een optreden. In deze voorbeelden wordt de schoonheid ervaren op zo’n manier dat de hemel en aarde verbonden worden, dat geest en materie samenkomen. Dan zie je God.
Tot slot: ik wil mensen aansporen zoals de vierde eeuwse theoloog Basilius: ‘Ik wil dat het wonder van de schepping zich zodanig in je vasthecht, dat, waar je je ook mag bevinden en wat voor planten je ook mag tegenkomen, je dit alles voortdurende ziet als een heldere onthulling van de Schepper.’ Met andere woorden: de omgeving is doordrenkt met God, met schoonheid. Het zou prachtig zijn als ik in mijn werk deze goddelijke schoonheid zou kunnen ontvouwen en een context geven. Pavèl van Houten |
beeld 1: Mara |
| < back |