territorium 2006 /12
Slow speed paradise
Eind januari 2006 werd in Den Haag door de wethouder van financiën en cultuur in kunstcentrum Stroom de cultuurprijs van Den Haag 2005 uitgereikt aan Auke de Vries. Hij kreeg deze onderscheiding voor ‘zijn uitzonderlijke prestaties als kunstenaar en zijn belang voor de faam van Den Haag als cultuurstad’. De prijs bestaat uit een sculptuur van de kunstenaar Pierluigi Pompei en een geldbedrag van 25.000 euro, dat moet worden bestemd voor de realisering van een kunstproject. Dit heeft geresulteerd in de tentoonstelling Slow speed paradise en een boek. Tijdens de uitreiking van Photo Archive. Auke de Vries (design en uitgegeven door Esther de Vries) hield Auke de Vries een toespraak. Dit is een verkorte versie van zijn toespraak.
Ten zuiden van Leipzig (in de voormalige DDR), zijn zo’n zestig dorpen, kastelen, dertien burchten, achtentwintig kerken en kerkhoven, eenendertig kapellen, twee kloosters, vier klokkentorens, twee raadhuizen, tweeënzestig publieke gebouwen en zes parken van de aardbodem verdwenen. Slechts vijftig jaar en 3,3 miljard ton bruinkool waren nodig om dit te bereiken. Hiertoe werd ongeveer 12 kubieke kilometer grond verplaatst en waren 24.000 mensen gedwongen te verhuizen. Bruinkool is nog steeds de belangrijkste energiebron voor de voormalige DDR en voor de landen ten oosten daarvan, zoals Polen. Bruinkool wordt aan de oppervlakte afgegraven. Gevolg daarvan is, dat er een kaalslag plaats vindt en er een volstrekt leeg landschap zonder enige referentie ontstaat, dat telkens een paar kilometer opschuift. Bedenk daarbij dat de genoemde opsomming de situatie van ruim tien jaar geleden betreft.
Om de vervuilings- en landschapsproblematiek vorm te geven en wereldkundig te maken, namen de Kulturstiftung des Freistaates Sachsen in Dresden en het Siemens Kulturprogramm te München, in 1993 het initiatief om een aantal wetenschappers en kunstenaars een visie te laten ontwikkelen die nodig is voor herstel van het gebied: het Südraum Leipzig. En ik was daar een van. Dit relatief klein gezelschap van tien personen met deelnemers uit de VS, Frankrijk en natuurlijk de betrokken landen, maakten werkreizen door dit gebied. We werden geconfronteerd met een van oorsprong romantisch landschap onderhevig aan een totale transformatie, totaal vervuild. Nieuwe locaties voor delving zijn al in voorbereiding.
Hoe help je een patiënt die nog dagelijks in het gezicht geslagen wordt? Er is - en wordt - de bewoners iets wezenlijks afgepakt en er wordt niets teruggegeven. Hoe vind je een vorm die bij je past, die je ligt om op zoiets onvoorstelbaars te reageren? Wel - ik heb mijn vleugels niet nodeloos verzwaard door direct praktische voorstellen te doen. Het werden fantasiën. Slow speed paradise laat iets zien van mijn bijdrage, mijn omgang met deze problematiek.
Mijn uitgangspunt is dat de verwoesting de werkelijkheid is. Daar bouw je die nieuwe, andere wereld uit op, vol contrast en conflict, waarin de geschiedenis een bijzondere plek krijgt en waar, zoals de titel al aangeeft, de factor tijd prominent aanwezig is. In deze tentoonstelling zijn een aantal aspecten uitvergroot: de economie, de drijvende eilanden, het kunstplan, het Archief en het Monument. Wat dat laatste betreft, tijdens de vele bezoeken aan deze gebieden was er steeds de vraag naar een monument en dat was werkelijk het laatste waar ik aan dacht. Maar uiteindelijk was mijn redenering, als dit een vraag is wat doe je daar dan mee? Het Archief waar ik zo op gehamerd heb en het Monument... enfin, kijkt u maar zelf. Er zijn meerdere voorbeelden van te zien. Wat wil ik? Het enige wat ik wil, is een klein vlammetje ontsteken wat de ander voorzichtig aanblaast, zodat het groter wordt.
Ook de stad Istanbul is onderhevig aan een snelle transformatie, onder meer door de globalisering. Grote, stedelijke ingrepen - aanleg van high-ways - zorgen voor urbane scheidingen, maar zeker ook voor scheidingen in sociaal-economische zin. In deze structurele vernieuwingsdrift werden de beste plekken in de stad gereserveerd voor de ketens van vijfsterrenhotels en ondernemers van het wereldkapitaal.
Tenslotte moet iedereen en alles wereldstad worden. De minder gewenste meerderheid van Istanbul’s steeds maar groeiende bevolking nam ook deel aan deze haastige voorbereidingen door nieuwe bidonvilles te creëeren als alternatieve woonplekken en manieren van leven. Hoewel ze voor het merendeel illegaal zijn, rezen de bidonvilles als paddestoelen uit de grond en breidden hun bereik uit tot in het hart van de meest elitaire wijken; achter verkeerswegen, midden tussen de wolkenkrabbers en op de heuvels, aan de oevers van de Bosporus. Met een verwijzing naar de eenvoud en snelheid waarmee ze gebouwd worden, heten de bidonvilles in het Turks Gecekondu (in-de-nacht-gemaakt of in-de-nacht-neergekomen). Precies zo zou mijn ark van Noach na de regen op een van de hoogste bankgebouwen moeten neerkomen en blijven steken.
Mijn beeld, mijn werk verwijst naar de triviale, onzekere, onevenwichtige en onaffe constructies van de bidonvilles, maar ook naar het contrast met de perfectie en rigiditeit van de eigentijdse architectuur. De ark is het absolute huis, absolute architectuur, zonder buren, zonder besturing. Die referenties zijn in beeldende zin niet onbelangrijk. Het model is nu, na verre reizen, hier in Den Haag voor korte tijd te zien - ongeveer zoals wij kijken naar een space shuttle, net terug van Jupiter. Na de eerste presentatie in Berlijn in 2004 is After the rain in Istanbul geplaatst, op een van de uitzonderlijkste plekken van de stad, de Galatabrug, op een van de vier torens. Het zou geweldig zijn, het zou de werking van dit beeld en de urgentie optimaal maken als het op een schaal van ± 25 meter lang gebouwd zou worden op de hoogste toren, als een alarmerend symbool van overleven.