2003/4
Sinds april 2001 woont en werkt beeldend kunstenaar en Artilid Ron Sluik in Chisinau, de hoofdstad van Moldavië. Een klein en arm agrarisch land ten oosten van Roemenië. In 1999 startte journaliste en kunsthistorica Irina Grabovan hier een ruimte voor moderne kunst en vooral fotografie. Galeria AoRTA nodigt geregeld kunstenaars uit om niet alleen werk te komen tonen maar het ook ter plekke te komen maken en is het als kunstcentrum ondertussen een begrip geworden in dit deel van de wereld. Na vier jaar is het nu tijd voor een volgende stap. Ron Sluik nodigt u uit om mee te denken.

Zomer in Moldavië

Bezoek
Het is een bloedhete woensdag, eind augustus. Het is een graad of vierendertig. Ik zit in de tweede ruimte van de AoRTa galerie. Gast Ulay houdt een fotosessie in de andere ruimte. Zijn zoon Jurriaan, ondertussen omgedoopt tot Yuri, helpt als assistent. Binnen in de galerie is het lekker koel, alhoewel de soms onschuldige maar ook uitdagende kleding van de gefotografeerden daar niet altijd aan bijdragen. Meisjes van de straat. Die zijn hier zo mooi dat het elke ziende buitenlander die in Chisinau op bezoek komt verbaast, ja zelfs lichtelijk opwindt. Fotograaf Arno Nollen schuimt hier al sinds februari de straten af op zoek naar een onschuldig plaatje. Ook hij is niet weg te branden uit deze stad. Het is echter niet zo eenvoudig om meisjes hier voor de camera te krijgen. Hun achter-docht is groot. Het land heeft nu eenmaal de reputatie een grote vrouwenhandel te hebben, voor de prostitutie in het westen. Dat maakt achterdochtig om zomaar gefotografeerd te worden door een vreemde, en dat is Ulay in dit land. Zijn werk is hier onbekend. Vandaag en morgen doet hij deze middagsessies. Aanstaande zaterdag moet er dan een mooie portrettengalerij klaar zijn voor een presentatie in de galerie. Dat gaat wel lukken. Gisteren gaf hij een lezing buiten, op de binnenplaats voor AoRTa. Een aandachtig publiek bleef ondanks de hitte geboeid luisteren naar zijn ervaringen en ideeën. Natuurlijk kwam het geheel, ook daar heeft Gorbachov niets aan kunnen veranderen, met een door ons aangeboden goed glas koude boerenwijn, witte Traminer deze keer. De galerie is in de zomer dicht geweest. Onze bezoekers lagen de afgelopen tijd bijna allemaal op het strand aan de Zwarte Zee, dat ligt nu in het buitenland, in Roemenië en de Oekraïne. Druppelsgewijs komen ze weer terug, nog wat nat achter de oren.


Op het land
Ik was samen met mijn vriendin Irina Grabovan twee weken op kunstenaarskamp, heet in het westen geloof ik symposium. In Parcova waren we, een gehucht in de buurt van Edinet in het noorden van het land. Ook veertien andere kunstenaars, vooral schilders uit Chisinau en Lasi (dat nu in Roemenië ligt, maar vroeger de hoofdstad was van dit land); we waren uitgenodigd door Don Silviu Fusu, een voormalig theaterdirecteur, om te werken in zijn geboortedorp vanwege zijn 50e verjaardag. Voormalig theaterdirecteur, omdat hij niet lang geleden, ondanks een 42 dagen lange hongerstaking, vervangen is door een voor de regering meer geschikt persoon, terwijl hij notabene de grondlegger van het theater is. Er moet uiteindelijk een museum voor moderne kunst komen in het leegstaande badhuis van het dorp. Van ons werd verwacht de eerste bijdrages aan het museum te leveren. Irina en ik kregen de rol van de grote gasten uit het verre Olanda en Russia. Speciale gevallen zijn wij, terwijl ik hier toch alweer een tijdje woon en Irina zelfs een Moldavisch paspoort heeft. Ach, we doen maar mee aan de plaatselijke politieke spelletjes. Mij was ook nog eens de eer toegevallen de meeste handen te mogen schudden, in het geval van Don Dima, boer en nu tijdelijk de hotelier, was dat zijn linker. Hij had precies dertig jaar geleden zijn hand verloren in een plaatselijke mijn. Ook dat werd op een avond herdacht en gevierd. Bij aankomst in het dorp werden we ontvangen door de burgermeester en zijn notabelen, de sponsor, een plaatselijke worstenfabrikant en een meisje in folklore kostuum met een rondgevlochten brood in haar handen als welkom. We zoenden het brood, namen wat zout erbij en aten ons deel gevolgd door een gezamelijke maaltijd in Casa de Cultura, het huis voor de kunsten. Elke stad of zelfs dorp in de voormalige USSR heeft zo’n huis, een overblijfsel uit vervlogen tijden. In deze nieuwe tijd is dat meestal alleen nog maar open voor bruiloften en partijen en de enerverende discoavonden op zaterdag voor de steeds kleiner wordende groep achtergebleven jongeren. Dit cultuurhuis was nog vol met ornamenten en schilderingen van toen. Hamer en sikkels, rode sterren aan het plafond en kreten over het belang van kunst voor het volk, geciteerd uit vervlogen Russische geesten. De burgemeester vertrok al weer vroeg in zijn Mercedes. Later hoorde ik dat hij twee jaar geleden de verkiezingen gewonnen had vanwege zijn belofte te zorgen voor stromend water, dat systeem werkte sinds het uiteenvallen van de USSR niet meer. Hij bleek tot nu toe zijn tijd aan iets nuttigers te besteden. Onze werkdagen werden steevast afgesloten met gitaaravonden rond het vuur, een uitwisseling van Russische en Roemeense ballades en smartlappen. Don Dima haalde eens in de zoveel tijd een fles zelfgestookte rachiu of wodka. Heerlijk eten was er ook in overvloed. Het leek uit het niets aangevoerd te worden. Schijnbaar onzichtbare boerinnen vulden de tafels.

Werk
Ik heb in die twee weken prima foto’s kunnen maken voor een nieuw boek dat ik nog deze winter het licht wil laten zien. PARCOVA gaat het natuurlijk heten met beelden van kinderen en planten onder het Moldavisch zonnetje... Door de ervaringen met het eerste boek zijn er ondertussen enkele dingen veranderd in de manier van kijken naar mijn omgeving. Ik ben letterlijk in de ban van het alomringende Moldavisch blauw. Niet alleen heeft dit land de meeste zonnige dagen en strakblauwe luchten van de voormalige Soviet-Unie ook in de architectuur en het landschap lijkt deze kleur de overhand te hebben. Het merendeel van de foto’s en reportages over Oost-Europa lijkt alleen maar de uitzichtsloosheid en triestheid te benadrukken, terwijl de schoonheid en ook het geluk dan vaak achterwege blijft. Echt, ook hier lachen mensen en zijn ze op hun tijd ronduit gelukkig. Ulay noemt me op een avond een metafysische fotograaf, ik kan daar wel mee leven, prima zelfs.
Toekomst
AoRTa is op een grens aangekomen. Het bestaat nu 4 jaar als onafhankelijke en lowbudget-galerie. De tijd is gekomen om de volgende stap te zetten. De functie verandert in kunstcentrum. Tijd ook om op zoek te gaan naar nieuwe en grotere ruimtes waar bijvoorbeeld de frequent bezoekende buitenlandse en vaak Nederlandse kunstenaars kunnen wonen en werken tijdens hun verblijf hier. Dus ben ik maar eens op internet gaan zoeken naar Europese cultuurpotjes en fondsen die dit zouden kunnen ondersteunen. Ik heb de boel tot nu toe zelf kunnen financieren maar de bodem is nu duidelijk in zicht. Ik word bij het afschuimen van hun sites echter bij voorbaat al depressief: wat een onnodige eisen en afschrikkende regeltjes! Wat een grenzen gooien die fondsen op om je, voordat je eigenlijk goed en wel begonnen bent, bij voorbaat de indruk te geven een negatief antwoord te krijgen voor een initiatief dat nog steeds op het randje van de pannekoek lijkt te verkeren maar ondertussen binnen afzienbare tijd buurland van fort Europa is. Het zou toch mooi zijn als er gewoon iets of iemand spontaan in zou springen. Een sponsor met lef, het gaat helemaal niet eens om zulke grote bedragen. De kunstenaars en fotografen die hier ondertussen op bezoek zijn geweest zijn niet voor niets allen enthousiast over deze stad en hebben het tijdens hun eerste bezoek al over een volgende keer dat ze hier willen werken. En sommigen hebben dat ook al gedaan. Ine Lamers, Walter Bergmoser en Bertien van Manen (weer in september) bijvoorbeeld zijn al geregelde gasten geworden. Ook Ulay lijkt zich hierbij aan te willen sluiten.

Ron Sluik

Bovenste foto 'Ron Sluik in Parcova' van Thomas Kummerow
Onderste foto 'Galerie AoRTa' van Ulay

sluik@gmx.net
www.art-aorta.narod.ru

< back