CLICK OP HET OMSLAG VOOR HET HELE NUMMER
klik op cover voor pdf nummer 24
CLICK ON COVER FOR
PDF ISSUE 24

Inhoud

1 Cover
Efrat Zehavi

2 Redactioneel, inhoudsopgave
en colofon

3 Vincent van Gogh
Marcel van Eeden

4+5 Fredie Beckmans
Het einde van het romantische wandelen
August Sander

6 Arjen Boerstra
Fietsen door Landschap

7 Huub Mous
De archeologie van de toekomst
beeld PRINZGAU/podgorschek

8+9 Hanneke de Man
Dazzle the Evil Eye
over Merina Beekman

10 Andrei Roiter
De reiziger die ons op weg stuurt

11 Nicolas Bouvier
Wegen van de wereld
drie fragmenten

12+13 Ine Dammers
interview met Allie van Altena

14+15 Auke de Vries
After the Rain

14+15 Franck Gribling
over Francis Alÿs
de kunstenaar als ronddolende activist

16+17 Marcel van Eeden
Zonder titel, uit de serie:
'The Death of Matheus Boryna',

18 Miranda Cleary
Painting places

19 Philip Fokker
Omzwervingen in Pixelland

20+21 Franck Gribling
Pieter Engels
Een deconstructivist van het eerste uur

Franck Gribling
Revealing the invisible.
Over Stansfield en Hooykaas

22 Frank Lisser
De Afgang

23 Efrat Zehavi
The Migrating studio

24+25 Robert Broekhuis
Kleur is voor vrouwen

26+27 Paul Donker Duyvis
Nine Dragon Heads

28 Mathieu Knippenbergh
Zeevaarder van de ziel

32  Willem van Genk
Zeppelin, recent ontdekt werk

ARCHIEF
link naar vorige nummers

toekomst
homo bulla est
ontoegankelijk
media
pijn
vluchtig en immaterieel
goede zaken
lichtheid
situationisme
religie
pre passee
territorium
zakelijkheid
canon
altijd alle tijd
vreemd

kunstenaar&initiatief

Dazzle the Evil Eye
Over Merina Beekman (1961-2009)
Hanneke de Man

Tekenen was voor Merina Beekman hét medium bij uitstek. ‘Ik ben een tekenaar, geen schilder’ verzekerde ze. En toch treffen haar grote werken als uitgesproken ‘schilderachtig’. Zij ontlenen hun kracht niet aan de lijn, maar aan de trefzekerheid van de, met penseel aangebrachte, vlekken in Oost-Indische inkt. Deze hebben zich in haar werk verenigd tot decoratieve patronen en menselijke figuren, die ondanks de afwezigheid van kleur met recht kleurrijk kunnen worden genoemd. Dat Merina Beekman koos voor zwart-wit kwam niet voort uit een behoefte aan soberheid. Het afzien van de kleur diende veeleer als tegenwicht voor de overdadige rijkdom van haar beeldtaal. De schoonheid die zij in haar tekeningen koesterde, is er niet één die zich roerloos spiegelt in haar eigen perfectie. Beekman zocht een vorm van schoonheid die leeft, die zich te weer stelt tegen het kwaad en het noodlot om de tuin wil leiden. Als kind was zij al geboeid door verre landen en vreemde culturen, als kunstenaar heeft zij die voorliefde tot thema gemaakt van haar werk.
>>>>> lees verder op pagina 8 van pdf
Auke de Vries,
'After the Rain' , ' a commentary on the city of Istanbul.'
After the Rain werd geëxposeerd in Istanbul in het kader van de 'Istanbul Pedestrian (Yaya) Exhibitions2: Tunel-Karakoy 2005. Foto: John Körmerling.

Marcel van Eeden, Zonder titel, uit de serie: 'The Death of Matheus Boryna',

Paul Hammes was een student Duitse literatuur wetenschap die zijn doctorstitel in Frankfurt behaalde met een dissertatie die was opgehangen aan het opmerkelijke woord. Waldeinsamkeit. De melancholie spat van het woord af. Tranen wellen.
De eersten die het woord zagen hebben zich in de bossen verhangen. Niet Paul Hammes. Hij was het woord Waldeinsamkeit tegengekomen bij Heinrich Heine, Ludwig Tieck en nog wat andere schrijvers uit de Duitse Romantiek. Onderzoek wees uit dat Tieck als eerste het woord heeft bedacht, zoals hij meerdere woorden heeft samengevoegd zodat er nieuwe begrippen ontstonden. Waldeinsamkeit is wel zijn mooiste en sterkste gebleken. Hammes schreef honderd jaar later zijn dissertatie: Waldeinsamkeit, Eine Motiv und Stiluntersuchung zur Deutschen Frühromantik. Hij promoveerde daarmee op 27 februari 1933 in het toen donkerbruine Frankfurt am Main. Hij was vanaf die dag doctor in de literatuur wetenschap en ging die avond na een groot feest alleen te voet en aangeschoten van trots en de alcohol naar huis. De volgende ochtend werd hij met een brommer in zijn hoofd wakker. Het alles overheersende geluksgevoel duurde nog tot de middag. Toen was het wel duidelijk dat de woorden Waldeinsamkeit en het in de Duitse Romantiek direct daarop volgende woord, Wandern, met de vuilnisman meekonden. De avond ervoor had op hetzelfde moment dat Hammes feest vierde, een tot dan toe onbekende wandelaar uit Leiden, Marinus van der Lubbe, de Rijksdag in brand gestoken. Hij was in zijn eentje een paar dagen eerder van Leiden naar Berlijn gelopen en wilde de daar lang van tevoren aangekondigde stakingen en protestacties van werkloze arbeiders in Berlijn ondersteunen. Toen hij in Berlijn aankwam was iedereen omgekocht met een verhoging van de werkeloosheids uitkering. Was Marinus daarvoor helemaal uit het Hollandse Leiden naar Berlijn komen wandelen? Waar was iedereen? Toen Paul Hammes op 27 februari ’s avonds beschonken en in alle Waldeinsamkeit alleen naar huis liep, stak de vagebonderende metselaar Marinus van der Lubbe de Rijksdag aan. De eerste grootse en meeslepende verzetsdaad tegen het Nazisme heeft het tegenovergestelde effect gehad. De volgende dag heeft Hitler vierduizend communisten laten oppakken, inclusief de Radencommunist Van der Lubbe en was zijn droom om nog eens helemaal naar Peking te wandelen uitgedroomd. 27 februari 1933 mag dan ook gerust in de geschiedenis boeken worden bijgeschreven als de dag waarop het romantisch wandelen is gestorven.
>>>>> lees verder op pagina 4 van pdf

 

Francis Alÿs
De kunstenaar als ronddolende activist


Franck Gribling

Het doelloos dwalen door de stad is een activiteit die als een vorm van kunst beschouwd kan worden. De negentiende eeuwse flaneur door Baudelaire bezongen en door Walter Benjamin beschreven is een voorloper daarvan. In de twintigste eeuw hebben de Surrealisten het dwalen door nachtelijk Parijs tot methode verheven om toegang te krijgen tot het poëtische onderbewustzijn. In hun voetspoor propageerden de Situationisten, Debord en Wolman, vlak na de tweede wereldoorlog de zogenaamde ‘Derives’, ongerichte, door het toeval bepaalde stadswandelingen, met de bedoeling niet van te voren geprogrammeerde ervaringen op te doen.

Deze hadden een politieke dimensie.
Het was ook een kritiek op het ‘klootjes volk’, een afwijking van de plat getreden paden, die de gemiddelde toerist betreedt .Met dank aan Duchamp verklaarde Fluxus tenslotte elke handeling tot ready made (anti)kunst. Een voorbeeld daarvan was de in 1962 door Wim Schippers bedachte en door vrijwilligers uitgevoerde ‘Mars door Amsterdam’, een zogenaamde ‘Event’ die in de bekende VPRO documentaire ‘Signalement’ is vastgelegd.
Veel romantischer, meer in de traditie van de Duitse ‘Wandervögel’, komen de conceptueel uitgestippelde tochten in de natuur van Richard Long en Hamish Fulton over, die hun sporen zorgvuldig op foto en video vastlegden. Wat al deze activiteiten gemeen hadden met de in die zelfde tijd opkomende Performance Kunst was dat de kunstenaar meestal zelf de tot kunst verklaarde handelingen verrichtte.

>>>>> lees verder op pagina 14 van pdf

Het einde van het romantische wandelen - Fredie Beckmans

August Sander, Landstreicher, 1929

Merina Beekman, Handje, zonder titel, 2004